Een bijzondere
brievenkist

Postmeester Simon de Briënne verzorgde tussen 1676 en 1707 de post van en naar Brabant en Frankrijk. In die tijd was het postmeesterschap een goedbetaalde baan met aanzien. De Briënne was een vertrouweling van stadhouder/koning Willem III. Postmeesters hielden zich bezig met de administratie van het brievenvervoer en namen boden in dienst voor het transport.
Brieven die niet konden worden bezorgd, moesten retour afzender. Simon de Briënne heeft deze brieven (in totaal ca. 3000 stuks) echter niet teruggestuurd, maar in een koffer bewaard. Hij wilde in ieder geval geen kosten maken door ze retour te zenden. In die tijd betaalde namelijk de ontvanger van de brief de port. Dus niet bezorgd betekende geen geld en dus geen bezorgloon.
Het te betalen tarief werd in stuivers met rood krijt op de brieven geschreven.
Om het port niet te hoeven betalen, werd soms een truc toegepast. De meest belangrijke boodschap werd in het kort op de buitenkant geschreven. Degene die de brief ontving mocht deze altijd even bekijken of hij de brief het geld wel waard vond. Door de korte boodschap op de brief te lezen, was de ontvanger soms al genoeg geïnformeerd en weigerde de brief en de bijbetaling dus. Op deze manier kon men gratis berichten overbrengen.
Behalve de brieven zat ook een deel van de administratie van De Briënne in de koffer. Daarmee krijgen we een uniek beeld van het kantoor van een postmeester. Diverse stukken worden geëxposeerd, zoals een overzicht van de inkomsten, correspondentie en nota's van postiljons, die het postvervoer in opdracht uitvoerden.

Vanuit Lyon verstuurde brief, 1702

Geweigerde brief: de postbode schreef 'WIl niet hebben' op de achterkant.

Opgave van de wekelijkse onkosten van het postvervoer tussen Den Haag en Rotterdam, 1703












